Het heeft tot aan de opkomst van Fortuyn het hoofd in het zand gestoken.

Zodra je een vermoeden hebt van een bewust verborgen misstand, is het van groot belang een zo gedetailleerd mogelijk dagboek bij te houden. Werknemers weten dat en nemen doorgaans geen enkel risico. Na de moord op Pim Fortuyn is de moord op Theo van Gogh een tweede teken aan de wand. Verder moet de melding worden gedaan aan de juiste persoon. Of de uiting toelaatbaar is hangt ook af van de vraag aan wiens adres de uiting is gericht. In de praktijk is uiterst onzeker hoe de rechter zal oordelen. De werknemer kan in redelijkheid menen dat hij in geval van intern aankaarten zal worden benadeeld. Hoe minder eigen belangen een rol spelen bij het melden van een misstand, hoe groter de kans dat de misstand wordt opgeheven. In de praktijk leidt interne melding echter vaak wel tot benadeling.

Maar dat kan ook stilzwijgend, door de werknemer anders, op een negatieve manier te behandelen. Wetenschappers binnen het bedrijf ontdekken op een gegeven moment dat het een riskante bijwerking heeft voor sommige gebruikers. Misstand en melding moeten met elkaar in evenwicht zijn dus geen overkill en het middel moet adequaat worden gekozen. Dergelijke waarschuwingen waren aan dovemansoren gericht. Wie een misstand constateert en wil wegnemen, doet er verstandig aan dit planmatig en met overleg aan te pakken. Dat kan openlijk, door een straf op te leggen of een waarschuwing te geven.